Ga naar overzicht

Wet DBA uitgesteld tot 1 januari 2018, behalve voor ‘evident kwaadwillende’ bedrijven en ZZP-ers

20-07-2016 15:14

Staatssecretaris Wiebes heeft de Tweede Kamer op 18 november jl. geïnformeerd over de stand van zaken met betrekking tot de Wet DBA. Kort gezegd was de uitkomst hiervan dat de handhaving van deze wet is uitgesteld tot 1 januari 2018, behalve voor ‘evident kwaadwillenden’. In deze blog ga ik eerst in op de belangrijkste wijzigingen als gevolg van de Wet DBA en licht daarna de recente beslissing van de staatssecretaris toe.

Op 1 mei 2016 is de Wet DBA ingevoerd ten behoeve van de verhouding zzp-er – opdrachtgever. Het belangrijkste gevolg hiervan was de afschaffing van de VAR-verklaring. De VAR was een verklaring van de Belastingdienst dat over de aan de zzp-er betaalde vergoeding geen belastingen en premies hoefden te worden afgedragen. De Belastingdienst erkende daarmee dat er sprake was van zelfstandig ondernemerschap en niet van een dienstverband. De VAR-verklaring gaf overigens alleen fiscaal zekerheid en dus geen zekerheid over de vraag of er sprake was van een arbeidsovereenkomst en daarmee over de vraag of de zzp-er recht had op (onder meer) ontslagbescherming. Omdat de meeste zzp-ers en opdrachtgevers de VAR-verklaring ook als een bevestiging werd gezien dat er geen sprake was van een arbeidsovereenkomst, werd dit in de praktijk niet als een risico gezien. Kortom, met de VAR-verklaring bestond er duidelijkheid. Met de afschaffing van de VAR ontstond er onzekerheid.

De modelovereenkomsten die de Belastingdienst in ruil voor de VAR aanbood, gaven enige zekerheid, maar niet de absolute vrijwaring van de VAR. Het gevolg: heel ondernemend Nederland in rep en roer en een afnemende vraag naar zzp-ers. Voornamelijk onder druk van de werkgeversorganisaties werd Wiebes hiervoor in de Tweede Kamer ter verantwoording geroepen, met als gevolg dat begin oktober van dit jaar een nader onderzoek werd ingesteld naar de wet DBA en hoogleraar arbeidsrecht, prof. mr. G. Boot, gevraagd werd de modelovereenkomsten te onderzoeken.

Op 18 november jl. heeft de Staatssecretaris de Tweede Kamer geïnformeerd over het onderzoek naar de knelpunten van de wet en is het onderzoek door professor Boot gepubliceerd. Twee belangrijke uitkomsten waren de volgende.

In de eerste plaats was de staatssecretaris gebleken dat er te veel onduidelijkheid was over de termen ‘gezagsverhouding’ en ‘vrije vervanging’. Dit zijn belangrijke termen, omdat een wezenlijke aanwijzing voor het hebben van een dienstverband de ‘gezagsverhouding’ betreft. Daarnaast hanteert de Belastingdienst in haar modelcontracten veelal de verplichting dat de zzp-er ‘vrij vervangbaar’ moet zijn. De staatssecretaris heeft nu aangegeven deze termen te gaan ‘herijken’. Zolang dit proces van herijking loopt, zal er niet gehandhaafd worden door de Belastingdienst (en in ieder geval tot 1 januari 2018), behalve voor ‘evident kwaadwillende’ opdrachtgever of zzp-ers. Van evidente kwaadwillendheid is sprake als er opzettelijk schijnzelfstandigheid wordt gecreëerd en daarmee een oneigenlijk financieel voordeel en/of oneerlijke concurrentiepositie wordt verkregen.

Goed om te weten is dat de term ‘gezagsverhouding’ in de rechtspraak is (en wordt) uitgewerkt. Kort gezegd komt dit erop neer dat er per geval onderzocht moet worden of er sprake is van een arbeidsrelatie aan de hand van alle feiten en omstandigheden. Het mag duidelijk zijn dat dit voor de Belastingdienst ondoenlijk is. Dit vergt immers maatwerk in plaats van werken met modellen. Ik ben dan ook heel benieuwd hoe die herijking er uit gaat zien.

In de tweede plaats bleek uit het onderzoek dat veel bedrijven het huidige arbeidsrecht als uiterst inflexibel ervaren. Om die reden werkt het bedrijfsleven zo graag met zzp-ers. Dat is interessant, omdat dit (onder meer) het gevolg is van de invoering van de WWZ door Minister Asscher. Uiteraard zal Wiebes de WWZ niet kunnen doorkruisen via de boeg van de Wet DBA. Dat blijkt ook uit de brief van Wiebes. De enige toezegging die hij doet is dat in sommige sectoren meer flexibiliteit kan worden ingevoerd in het arbeidsrecht, waarbij sectoren als omroep, media en kunst&cultuur worden genoemd. Ik ga er vanuit dat de werkgevers van Nederland daar geen genoegen mee gaan nemen. Dit weekend gaven de Tweede Kamer en sociale partners al te kennen dat zij het arbeidsmarktbeleid van Minister Asscher als mislukt beschouwden. Kortom, de Wet DBA kan nog wel eens een belangrijke spelbreker worden voor de WWZ.